welstand

 

Werkwijze en samenstelling van de Commissie voor Welstand en Monumenten Rotterdam.

Welstandstoezicht voor een aantrekkelijke leef-, woon- en werkstad

Welstandstoezicht voor een aantrekkelijke leef-, woon- en werkstad


Commissie voor Welstand en Monumenten Rotterdam  
De commissie voor Welstand en Monumenten (hierna de commissie) heeft de taak om (in opdracht van burgemeester en wethouders) aanvragen te toetsen aan de Welstandsnota Rotterdam. Daarbij gelden de eigen kwaliteiten van de verschillende Rotterdamse stedelijke gebieden als uitgangspunt. Het gaat daarbij vooral om de vraag of een bouwplan voldoet aan bepaalde ruimtelijke kwaliteitseisen en zich goed voegt in de omgeving waar het komt. Daarnaast toetst de commissie aanvragen die betrekking hebben op een monument aan zowel het gemeentelijke welstandsbeleid en het monumentenbeleid.

De leden van de commissie worden voor een termijn van drie jaar door de gemeenteraad aangesteld. Deze termijn kan eenmaal met drie jaar worden verlengd.
Een compact en professioneel ambtelijk secretariaat ondersteunt de commissie. Dit secretariaat is gepositioneerd bij de afdeling Bouw- en Woningtoezicht van Stadsontwikkeling.

De commissie bestaat uit de volgende leden:
- ir. Han Michel, voorzitter 
- ir. Joris Molenaar, architect 
- ir. Paul Diederen, architect 
- ir. Irma van Oort, architect 
- ir. Jeroen Ruitenbeek, architect/ stedenbouwkundige 
- drs. Jocé Bloks, burgerlid 
- drs. Wijnand Galema, architectuurhistoricus

Alleen bouwplannen die er voor de stad echt ‘toe doen’, worden aan de commissie voorgelegd. Dit is over 2012-2015 gemiddeld 16,4% van het aantal plannen dat voor welstandsbeoordeling in aanmerking komt. De overige, kleinere, plannen worden in mandaat van de commissie, ambtelijk afgedaan.
Er zijn twee manieren waarop een plan kan worden voorgelegd: als concept-aanvraag of als aanvraag omgevingsvergunning.
Bij concept-aanvragen gaat het om vooroverleg. Er wordt nog geen advies aan het bestuur afgegeven. In deze fase volstaat een reactie aan de aanvrager, als uitgangspunt voor verdere uitwerking van het voorstel. Zo kan in het vooroverleg toegewerkt worden naar een plan dat bij de formele aanvraag omgevingsvergunning kan rekenen op een snelle en soepele afhandeling. Bij aanvragen omgevingsvergunning wordt een advies uitgebracht aan het bestuur.

Openbare vergadering
De agenda’s en verslagen van de tweewekelijkse vergaderingen van de commissie worden online gepubliceerd. De commissievergaderingen vinden altijd plaats op een woensdag, worden gehouden in het Timmerhuis en zijn publiek toegankelijk. Iedereen die geďnteresseerd is, kan als bezoeker een vergadering bijwonen. Bij agendering van een plan voor de openbare vergadering worden de aanvragers altijd uitgenodigd om daarbij aanwezig te zijn en een toelichting op hun plan te geven. Aansluitend is er dan de gelegenheid voor het beantwoorden van vragen en een gesprek tussen architect en commissie. Op basis daarvan formuleert de commissie haar advies.

De adviezen over kleine plannen worden in opdracht van de commissie door het secretariaat gemaakt. De voorzitter, die daartoe gemachtigd is, ondertekent deze adviezen. Op verzoek kunnen ook kleine plannen in de openbare vergadering worden geagendeerd. Als aanvragers daar prijs op stellen, wordt altijd de gelegenheid geboden met de commissie in gesprek te gaan.

Hoe worden welstandscriteria toegepast?
Een advies op een aanvraag omgevingsvergunning kan positief of negatief zijn. Aan positieve adviezen kunnen voorwaarden worden verbonden als er nog een ondergeschikte uitwerking gewenst is. Een voorwaarde kan bijvoorbeeld betrekking hebben op toe te passen materialen.
Een positief advies houdt in dat een aanvraag omgevingsvergunning voldoet aan ‘redelijke eisen van welstand’ omdat geen strijdigheid is geconstateerd met de criteria uit de welstandsnota Rotterdam. Daarmee zijn er vanuit het oogpunt van welstand geen bezwaren tegen het afgeven van een omgevingsvergunning.
Een negatief advies betekent dat een aanvraag in strijd is met het welstandsbeleid.
Daarbij geldt overigens dat niet elke afwijking van het beleid tot een negatief advies leidt. De commissie heeft de afwegingsruimte om bij geconstateerde strijdigheid met het beleid, toch positief te adviseren wanneer zij van oordeel is dat het voorgelegde plan geen negatief effect heeft op de omgeving.

Bij positieve adviezen wordt, vanwege de efficiency, geen toelichting geschreven over de reden waarom het plan past in de criteria. Alleen als het bestuur daarom verzoekt, bijvoorbeeld voor een beroepsprocedure, wordt het advies schriftelijk uitgewerkt.

Bij negatieve adviezen wordt altijd een schriftelijke onderbouwing opgesteld. De toegepaste criteria worden vermeld en voorzien van een toelichting op de geconstateerde strijdigheid. Hierover wordt altijd contact gezocht met de aanvrager. Indien termijnen dit toelaten, wordt de mogelijkheid geboden om het plan aan te passen. Zo kan weigering van de aanvraag omgevingsvergunning op grond van welstand, worden voorkomen.

Voor welk type bouwplannen een welstandsadvies?
Behalve bij concept-aanvragen en aanvragen omgevingsvergunning voor reguliere bouw- en/of monumentenplannen, adviseert de commissie ook bij handhavingskwesties. Bij handhaving gaat het om illegale bouw, excessen en projectmatige buurt- of straatverbetering, uitgevoerd in opdracht van het bestuur.  NB: een exces is een ‘evidente, ook voor niet-deskundigen duidelijk herkenbare buitensporigheid van het uiterlijk van een bouwwerk’.

Jaarverslag 2015
In het jaarverslag brengt de commissie voor Welstand en Monumenten een verslag uit over haar werkzaamheden in 2015. Het verslag van de commissie verscheen tot nu toe om de twee jaar. Vanaf 2015 wordt dat ieder jaar, kortom een jaarverslag. Frequenter, korter en actueler.

Aanvullende informatie

Bezoek- en postadres:
Secretariaat Commissie Welstand en Monumenten
De Rotterdam (17e verdieping), Wilhelminakade 179 / Postbus 1130, 3000 BC Rotterdam

Afbeelding voor het bijhouden van paginastatistieken